The Theory of Stupidity van de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer

De Theory of Stupidity van de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer verklaart hoe maatschappelijke dynamiek kan vastlopen, maar nooit moet worden gelezen als een moreel oordeel over mensen die handelen in onzekerheid, angst en onvolledige kennis. Het gaat niet over een gebrek aan intelligentie, maar over een maatschappelijk mechanisme. Bonhoeffer stelde dat domheid ontstaat wanneer mensen hun vermogen tot kritisch denken opgeven en zich volledig laten leiden door morele zekerheid, groepsdenken of ideologie.

Volgens Bonhoeffer is een “dom” mens niet slecht of onwetend, maar overtuigd van zijn eigen gelijk. Juist die overtuiging maakt hem ongevoelig voor feiten, argumenten en correcties. Domheid wordt daarmee geen individuele tekortkoming, maar een kracht die zich verspreidt in tijden van onzekerheid, crisis, angst en polarisatie.

In zulke omstandigheden worden twijfel en onzekerheid gezien als zwakte, nuance als verraad (of leugen) en correctie als aanval. Het gevolg is niet meer inzicht, maar stilstand: schade zonder winst. Bonhoeffer waarschuwde dat deze vorm van domheid gevaarlijker kan zijn dan kwaadwilligheid, omdat zij zich moreel rechtvaardigt en daardoor moeilijk te bestrijden is.

PIN 20260222: Stupiditeit als maatschappelijk risico
32 downloads

Maatschappelijke ontsporing en verlies van corrigeerbaarheid

Over invloed, journalistiek en de Bijlmerramp

Wanneer wordt teruggekeken op de langdurige maatschappelijke onrust na de vliegramp in de Bijlmermeer, ligt het voor de hand om te zoeken naar schuld. Bij de overheid, het parlement, instanties, onderzoekers, politici of de pers. Dat is begrijpelijk, er was het nodige aan de hand, maar het verklaart onvoldoende waarom het debat destijds zo hardnekkig is vastgelopen. En zich nu nog gedraagt als een oncorrigeerbaar lijkend stukje moderne geschiedenis. Niet alles wat ontspoort, ontspoort door kwade wil of bewuste misleiding. Soms ontspoort een proces in de samenleving doordat een dynamiek ontstaat die zichzelf versterkt en steeds moeilijker corrigeerbaar wordt.

Het is interessant om naar die dynamiek te kijken. Niet om schuld toe te wijzen, maar om te begrijpen hoe een maatschappelijk proces kan vastlopen, zelfs wanneer nieuwe feiten beschikbaar komen.

Geen oordeel, maar analyse

Om dat proces te duiden, wordt gebruikgemaakt van inzichten uit de sociale en historische wetenschap. Een bekend denkkader is wat Carlo M. Cipolla aanduidde als the theory of stupidity. Die term klinkt hard en veroordelend, maar wordt hier nadrukkelijk niet gebruikt als oordeel over mensen. Het wordt uitsluitend gebruikt als systeemdiagnose.

Cipolla bedoelde met “stupiditeit” geen gebrek aan intelligentie of goede bedoelingen. Integendeel: schade kan juist worden aangericht door overtuigde, betrokken en goed geïnformeerde mensen. Het probleem ontstaat wanneer handelen schade veroorzaakt zonder dat daar aantoonbare waarheidswinst tegenover staat, en wanneer (normale) correctie niet meer werkt.

De kern van deze analyse is daarom niet “stupiditeit”, maar verlies van corrigeerbaarheid.

Wanneer bijsturing niet meer werkt

Verlies van corrigeerbaarheid treedt op wanneer nieuwe informatie niet langer leidt tot herijking, maar juist tot verdere verharding van bestaande overtuigingen. Dat proces speelde bij de Bijlmerramp een belangrijke rol.

De omstandigheden waren uitzonderlijk:

  • een technisch zeer complexe ramp,
  • onvolledige en voorlopige gegevens,
  • onderzoeken (technisch, politiek, juridisch) die zich over jaren uitstrekten,
  • jaren van onzekerheid,
  • gebrekkige communicatie,
  • en een grote emotionele impact op bewoners en samenleving,
  • ontwikkeling van complottheorieën en alternatieve scenario's
  • frequente hoop en teleurstelling omtrent duidelijkheid die elkaar afwisselden.

In zulke situaties ontstaat gemakkelijk een vacuüm waarin betekenis belangrijker wordt dan precisie. Wie dat vacuüm vult met duidelijke, overtuigende taal, krijgt invloed — ook wanneer die taal de werkelijkheid vereenvoudigt.

De rol van journalistiek en herhaling

Journalistiek vervult een onmisbare rol door kritische vragen te stellen. Het probleem ontstaat niet bij het stellen van vragen, maar bij het blijven herhalen van antwoorden die zijn gebaseerd op een vroeg en onvolledig stadium van kennis en informatie, zonder latere correctie.

Wanneer voorlopige interpretaties (bijvoorbeeld: "wij weten dat het niet klopt en er sprake is van een grote doofpot") blijvend worden gepresenteerd als vaststaande verklaringen, verschuift journalistiek van onderzoek naar bevestiging. In dat proces ontstaat schade: wantrouwen groeit, expertise wordt betwijfeld en het debat verhardt, terwijl de feitelijke duidelijkheid niet toeneemt.

Correcties die later wél zijn aangebracht — bijvoorbeeld via parlementair (1999) en medisch onderzoek (2004) — worden dan niet meer ervaren als bijsturing, maar bestreden vanuit de overtuiging dat eerdere verwachtingen niet zijn waargemaakt.

Woorden die van betekenis veranderen

Een belangrijk onderdeel van deze ontsporing is semantische verschuiving. Begrippen uit ongevallenonderzoek zoals onzekerheid, voorlopige conclusies, verwaarloosbaar risico en voortschrijdend inzicht kregen onvoldoende aandacht en gaandeweg een morele lading.

Wat normaal is in onderzoek, werd gepresenteerd als verdacht. Correctie werd tegenstrijdigheid. Nuance werd doofpot. Complexiteit werd onwil.

Daardoor verdween het onderscheid tussen zorgvuldigheid en semantische misleiding (framing). Niet alleen het onderzoek raakte beschadigd, maar ook het maatschappelijke vermogen om met onzekerheid om te gaan.

Morele zekerheid en stilstand

De Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer beschreef een verwant mechanisme. Volgens hem ontstaat ontsporing niet door gebrek aan kennis, maar wanneer morele zekerheid het kritisch denken verdringt. Wie ervan overtuigd is aan de juiste kant te staan, sluit zich gemakkelijk af voor correctie.

Dat proces is vaak niet bewust. Toegeven dat eerdere verhaallijnen of posities niet houdbaar zijn, vraagt herziening en brengt gezichtsverlies met zich mee. Daardoor wordt correctie steeds moeilijker, ook wanneer nieuwe feiten daarom vragen.

Waarom deskundigen zich terugtrekken

Daarbij speelde ook een ongelijkheid in deskundigheid een rol. In publieke debatten kregen eenvoudige, emotioneel aansprekende verklaringen vaak meer ruimte dan complexe, voorzichtige analyses. Deskundigen stelden zich juist terughoudend op, omdat zij wisten hoe onzeker en genuanceerd de materie was.

In zo’n debat is geen sprake van een gelijk speelveld. Voor camera’s en in actualiteitenrubrieken wint het stellige verhaal vrijwel altijd van het feitelijke. Voor veel experts werd deelname daardoor weinig zinvol — niet uit onwil, maar uit professioneel besef.

De kernles

De langdurige maatschappelijke schade rond de Bijlmerramp is niet primair het gevolg van bewuste misleiding of slechte intenties. Zij is ontstaan in een systeem waarin betekenisgeving, overtuiging en verlies van corrigeerbaarheid elkaar versterkten, terwijl bijsturing steeds moeilijker werd.

Het gaat hier niet om mensen, maar om processen. Niet om schuld, maar om dynamiek. Ook de dynamiek van journalistieke verhaallijnen die spannender beschreven werden en worden dan ze in werkelijkheid zijn.

Nadrukkelijk wil ik de domheid en stupiditeit aan de kant van het overheidsapparaat niet uitsluiten en wegredeneren. Als complottheorieën en gevoelens van teleurstelling in 2022 en daarna nog zo welig tieren lijkt het me dat men daar veel pro-actiever mee om moet gaan. Het rapport van het ACOI in 2024 gaf duidelijk aan dat ‘het hoofdstuk nog niet afgesloten is’. 

De ongemakkelijke les is dat integriteit niet ligt in altijd gelijk hebben, maar in het vermogen om het eigen gelijk te herzien wanneer nieuwe feiten dat vragen. Dat lijkt me voor iedereen belangrijk.

En misschien is dat wel de belangrijkste les van de vliegramp in de Bijlmermeer: dat de grootste schade niet ontstaat door fouten, maar door het niet tijdig corrigeren ervan. Fouten maken is menselijk, ze niet corrigeren is schadelijk.

Figuur 310

Een van Cipolla's belangrijkste wetten luidt dat niet-stupide mensen de schade van stupide dynamiek structureel onderschatten. Onderzoekers gingen ervan uit dat feiten uiteindelijk zouden spreken. Dat bleek onjuist.⁣

Zie onder andere: Extra rondje | ongevallenonderzoek EL AL 1862 en (Complot)theorieën | ongevallenonderzoek EL AL 1862

Er is geen waarheidswinst (meer) te behalen met complottheorieën en het zoeken naar routeafwijkingen die nooit hebben bestaan. Er is ook geen waarheidswinst te behalen met zoektochten naar geheime lading omdat de beweringen en theorieën daarover niet verifieerbaar zijn. Het heeft wel zin om naar de contra-indicaties te kijken.