Vincent Dekker is een Nederlandse onderzoeksjournalist die vooral bekend werd door zijn langdurige en intensieve verslaggeving over de vliegramp met El Al-vlucht 1862 in de Amsterdamse Bijlmermeer (1992). Vanaf het midden van de jaren negentig publiceerde hij een reeks artikelen en analyses over de ramp, de nasleep ervan en de manier waarop overheid en onderzoeksinstanties daarmee omgingen.
In 1994 verscheen zijn boek Going Down Going Down, waarin hij zijn journalistieke bevindingen bundelde. In dit werk gaf Dekker een kritisch en betrokken beeld van de ramp en de maatschappelijke gevolgen ervan. Zijn benadering werd gekenmerkt door een sterke gevoeligheid voor de emoties, zorgen en wantrouwen onder bewoners en betrokkenen in de Bijlmermeer. Die betrokkenheid droeg bij aan brede publieke aandacht voor onbeantwoorde vragen rond de ramp.
Tegelijkertijd stelden de officiële ongevallenonderzoeken vast dat een aantal door Dekker gepubliceerde veronderstellingen en conclusies niet strookte met de technische en feitelijke bevindingen van de onderzoeksteams. In hun optiek baseerde Dekker zich regelmatig op ooggetuigenverklaringen, afzonderlijke bronnen en hardnekkige geruchten, terwijl het integrale onderzoeksbeeld — opgebouwd uit radargegevens, vluchtdata, wrakanalyse en internationale expertise — een ander verhaal liet zien. Dit verschil in benadering leidde tot blijvende spanning tussen journalistieke narratieven en het formele luchtvaartonderzoek.
In de loop der jaren ontwikkelde Dekker nauwe contacten met onder anderen politicus Rob van Gijzel, evenals met andere journalisten die kritisch stonden tegenover de officiële lezing van de ramp. Hierdoor ontstond een intensieve wisselwerking tussen journalistiek en politiek, waarin vragen over transparantie, verantwoordelijkheid en vertrouwen centraal stonden.
Veel van Dekkers eerdere journalistieke denkbeelden — die ook als controversieel werden gezien — bracht hij opnieuw naar voren in het KRO-NCRV-project Rampvlucht, bestaande uit een podcast, een dramaserie en een documentaire. Ook daarin bleef zijn interpretatiekader grotendeels onveranderd. In 2022 werd Going Down Going Down opnieuw uitgegeven. Deze heruitgave volgde in essentie het narratief dat al vóór de parlementaire enquête bestond, aangevuld met een beschouwing op die enquête en haar conclusies.
Terugkijkend wijzen veel details erop dat Dekker zijn oorspronkelijke denkbeelden over de Bijlmerramp in de loop van dertig jaar nauwelijks heeft herzien, en dat hij daar zelf ook geen aanleiding toe ziet. Zijn werk blijft daarmee een invloedrijke, maar ook blijvend bediscussieerde bijdrage aan het publieke geheugen van de ramp.
Het is mijns inziens anno 2025 bijzonder dat de heer Dekker in de documentaire Rampvlucht (2022) en de daarop volgende publicaties opnieuw ontkrachte theorieën aanhaalde om zijn vasthoudendheid in de jaren negentig van de vorige eeuw te duiden. Elk bewijs voor een verband tussen het vliegtuigongeval, de lading en gezondheidsschade (behalve individuele gevallen en PTSS) ontbreekt. De feiten en contra-indicaties vertellen een ander verhaal. Dat zijn redenaties en beschouwingen over route afwijkingen van het vliegtuig, zijn 'piece de resistance', het meer dan 33 jaar hebben overleefd, is bijzonder.