Een these is de centrale stelling van een betoog, boek of onderzoek die met argumenten en bronnen wordt onderbouwd.

Met de term doofpot, een door de media geintroduceerd begrip, zoals onder benoemd, bedoel ik de ´doofpot-framing‘ en mediavoorstelling zoals die door Vincent Dekker op 26 september 2022 in dagblad Trouw werd verwoord, en die in de Nederlandse media (een bewuste generalisatie) niet werd bekritiseerd, behalve door De Correspondent. 

De ironie van de Bijlmervliegramp is dat journalisten jarenlang naar een vermeende doofpot bij overheid en onderzoekers zochten, terwijl later een ander probleem zichtbaar werd: de moeite van media om eenmaal gevestigde eigen interpretaties opnieuw aan de primaire bronnen te toetsen. Ik noem dit een "narratieve blokkade” (Narratieve blokkade | ongevallenonderzoek EL AL 1862)

PIN 20260706: Waarom ik denk dat "de doofpot" nog bij bepaalde invloedrijke media zit

57 downloads

PIN 20260708: De synthese van een fundamenteel probleem

58 downloads

Waarom ik denk dat "de doofpot" nog bij invloedrijke delen van de media zit

De vraag waar de “doofpot” rond de Bijlmervliegramp werkelijk zit, wordt meestal in de richting van de overheid gesteld. Mijn conclusie is anders. Na jarenlang werken met primaire bronnen, officiële documenten, mediaberichten en reconstructies, denk ik dat de doofpot niet primair bij de overheid zit, maar bij de media.

Ik formuleer dat bewust voorzichtig. Ik zeg niet dat journalisten bewust hebben gelogen of dat redacties doelbewust de waarheid hebben willen verbergen. Dat is niet mijn methode. Maar de redenering is voor mij wel duidelijk: de media hebben verkeerde beelden, onbewezen suggesties en aantoonbaar onjuiste koppen jarenlang laten voortbestaan. Daarmee hebben zij een eigen werkelijkheid gecreëerd die zich moeilijk laat corrigeren.

1. Koppen die decennia blijven hangen

Op mijn mediapagina heb ik concrete krantenkoppen en mediabeelden geïnventariseerd die feitelijk aantoonbaar onjuist zijn of onvoldoende onderbouwd bleven. Denk aan formuleringen als “alleen bloemen en parfum”, "vliegende chemiefabriek", “grondstof voor zenuwgas“, ´´verzwegen lading´´, ´´blamerend onderzoek“, ´´explosieven en munitie”, “nucleaire lading”, “het extra rondje”, “te zwaar beladen”, “keiharde fraude”, ´´beslist een doofpot´´ en “een overheid die niet om zijn burgers geeft”.

Die koppen zijn niet zomaar losse vergissingen. Zij hebben zich vastgezet in het collectieve geheugen. Ze zijn grotendeels niet effectief gecorrigeerd en zijn dertig jaar lang blijven doorleven en werden opnieuw opgeroepen. Dat is voor mij de kern van het probleem. Niet één fout artikel, niet één ongelukkige uitzending, maar een structureel falen van het zelfcorrigerend vermogen van de journalistiek.

2. De uitspraak van Pierre Heijboer

Een belangrijk moment in mijn denken hierover was een uitspraak van Pierre Heijboer van de Volkskrant. Hij vertelde mij persoonlijk dat je een verhaal “net iets interessanter moet maken dan het in werkelijkheid is”, omdat “een droog verhaal geen hond leest”.

Ik zie die uitspraak niet als een curiositeit, maar als een symptoom. Zij laat zien hoe de journalistieke behoefte aan een goed leesbaar en spannend verhaal op gespannen voet kan komen te staan met feitelijke precisie. Bij een ramp als de Bijlmervliegramp is dat riskant. Juist daar moeten feiten, bronnen en onzekerheden zorgvuldig worden behandeld.

Wanneer een verhaal steeds iets verhalender, interessanter of dramatischer en minder feitelijk wordt gemaakt dan het in werkelijkheid is, ontstaat op den duur een andere werkelijkheid. En die werkelijkheid is moeilijk terug te draaien. Terwijl Heijboer zelf bij een bezoek bij de Raad voor de Luchtvaart toegaf een journalistieke doodzonde te hebben begaan door het ladings-dossier ´´dood te hebben gecheckt´´ en niets verontrustends meer te hebben kunnen vinden. Je kunt je voorstellen hoe de oorspronkelijke bronnen gereageerd hebben toen media en politiek vol argwaan ontspoorden. Maar er was niets wat ze ertegen konden ondernemen. Het onderzoek werd een mediale en politieke kwestie.

3. Rampvlucht: oude complottheorieën nieuw leven ingeblazen

Na het zien van de KRO-NCRV-serie Rampvlucht heb ik de regisseur geschreven dat het publiek naar mijn oordeel niet goed geïnformeerd werd en eigenlijk zelfs werd misleid. Oude complottheorieën kregen opnieuw leven ingeblazen, alsof de parlementaire enquête nooit had plaatsgevonden.

Mijn bezwaar was niet alleen dat er fouten of suggesties in zaten. Mijn bezwaar was vooral dat de redactie onvoldoende deskundigheid, onvoldoende feitenkennis en onvoldoende onafhankelijkheid liet zien. En vervolgens kwam er ook geen serieuze correctie achteraf.

Dat is precies het patroon dat mij zorgen baart: een suggestief verhaal krijgt een groot publiek, maar de feitelijke correctie krijgt nauwelijks ruimte.

4. Murky Skies: het verhaal lag vooraf al vast

Bij de Israëlische documentaire Murky Skies werd het probleem nog duidelijker. Achteraf ontdekte ik dat de financier al vóór de opnames de thema’s had vastgelegd: corruptie, het verbergen van de waarheid, Bijlmerziekten, uranium en een mini-Tsjernobyl.

Voor mij betekent dat dat de documentaire geen open onderzoek was, maar een bevestiging van een vooraf bepaald narratief. De conclusie stond in feite al klaar voordat het onderzoek begon. Dat is het tegenovergestelde van de methode die ik zelf probeer te volgen.

Mijn methode is: eerst de bronnen, dan de analyse, en pas daarna de conclusie. Bij Murky Skies leek dat omgekeerd te zijn.

5. NOS en ANP negeerden de weerlegging

Toen de Duitstalige podcast FLUGFORENSIK in 2024 een feitelijk correcte reconstructie publiceerde waarin het complotidee van een extra rondje van twee minuten voor de zoveelste keer werd weerlegd, vonden zowel de NOS als het ANP het niet nodig om daaraan aandacht te besteden.

Ik heb dat op mijn mediapagina “op zijn zachtst gezegd opmerkelijk” genoemd. In mijn voorzichtige taalgebruik is dat een scherpe constatering. Want als de suggestie nieuwswaardig is, dan zou de weerlegging dat ook moeten zijn. Als de media jarenlang ruimte geven aan twijfel, vermoedens en beschuldigingen, dan hebben zij ook de verantwoordelijkheid om ruimte te geven aan correctie.

Juist dat is onvoldoende gebeurd.

6. De Groene Amsterdammer stelde de vraag al in 1999

Al in april 1999 schreef De Groene Amsterdammer dat de tijd rijp leek voor een journalistieke enquêtecommissie. Dat was een belangrijke observatie. De parlementaire enquête onderzocht de overheid uitvoerig, maar de media hebben zichzelf nooit op vergelijkbare wijze onderzocht.

Die journalistieke enquêtecommissie is er nooit gekomen. Daardoor bleef een belangrijke vraag liggen: welke rol hebben media zelf gespeeld in het ontstaan en voortbestaan van de mythes rond de Bijlmervliegramp?

De kern van mijn redenering

Ik stel niet dat de media bewust hebben gelogen. Ik stel ook niet dat er sprake was van een gecoördineerd complot. Mijn punt is subtieler, maar misschien juist daarom scherper.

De medialogica — dramatiseren, vereenvoudigen, herhalen zonder voldoende correctie — kan hetzelfde effect hebben als een doofpot, ook zonder dat er sprake is van opzet. Het resultaat is namelijk vergelijkbaar: een narratief dat niet klopt, dat niet wordt gecorrigeerd en dat burgers decennialang een verkeerd beeld geeft van wat er werkelijk is gebeurd.

Daar komt iets belangrijks bij. Het welbevinden van de Bijlmerbewoners is wel degelijk beïnvloed door de toonzetting van de berichtgeving in de media. Wanneer bewoners jarenlang horen dat er misschien sprake was van een geheim extra rondje, gevaarlijke lading, uranium, fraude, een mini-Tsjernobyl of een overheid die hen bewust in de steek liet, dan doet dat iets met mensen. Het voedt wantrouwen, angst en boosheid.

Daarom denk ik dat de doofpot die de media de overheid verweten, in feite voor een belangrijk deel bij de media zelf is ontstaan. Niet als bewuste samenzwering, maar als een hardnekkig journalistiek mechanisme dat zichzelf niet corrigeerde.

Dat is voor mij de centrale these: de echte doofpot zit niet alleen in wat mogelijk is verzwegen, maar vooral in wat jarenlang ten onrechte is blijven hangen.

De doofpot zit voor wat betreft het veiligheidsonderzoek dus niet in een kluis van een ministerie, maar in de archieven van de redacties die hun eigen besluitvorming nooit hebben opengesteld. Er zijn geen tekenen dat hierin iets aan het veranderen is, ondanks deze website.

 

Ik wil nadrukkelijk het volgende stellen:

In september 2024 publiceerde Historisch Nieuwsblad een speciale editie over de Bijlmerramp en deze website. Ook De Telegraaf, De Stentor, het Algemeen Dagblad, Tubantia, het Leids Dagblad, het Noordhollands Dagblad en de Gooi- en Eemlander besteedden er positief aandacht aan. Des te opvallender is het stilzwijgen vanuit NRC, De Volkskrant en Trouw. Ook van journalist Dekker blijft elke inhoudelijke reactie uit, terwijl juist van hem een feitelijke correctie of ten minste een serieuze verantwoording over de fouten in zijn boek Going Down Going Down had mogen worden verwacht. Vrijwel alle informatie was beschikbaar: wat ik gedaan heb is het gewoon nog eens op een rijtje zetten.